Beroertezorg

Algemeen

Iedere patiënt met klinische kenmerken van een beroerte wordt in principe altijd verwezen naar de Eerste Brein Hulp van Tergooi lokatie Blaricum, na telefonisch overleg met de dienstdoende neuroloog. Het vervolgtraject is afhankelijk van de duur van de uitvalsverschijnselen.

Indien er sprake is van een TIA of een Minor Stroke kan verwezen worden via Zorgdomein en wordt de patiënt binnen 3 dagen gezien op de TIA service. De huisarts start direct met trombocytenaggregratieremming.

Cave: Zolang er neurologische uitvalsverschijnselen zijn, kan de diagnose TIA niet worden gesteld en is er sprake van een beroerte .(TIA = geen uitvalsverschijnselen meer. Minor Stroke = alleen lichte uitvalsverschijnselen welke niet ADL beperkend zijn

Tergooi maakt deel uit van het StrokeNetwerk Midden Nederland, (http://www.strokenetwerkmiddennederland.nl/); 

Patienten die in aanmerking komen voor endovasculaire behandeling worden na iv trombolyse via Tergooi verwezen naar een interventie centrum (UMC-U/Nieuwegein of AMC). Ook patienten met een SAB of een andere gecompliceerde neurovasculaire aandoening kunnen via Tergooi naar een gespecialiseerd centrum uit het StrokeNetwerk worden verwezen.  Alleen een patient met een beroerte ontstaan na 4 uur maar binnen 6 uur  wordt , na telefonisch overleg met de dienstdoende neuroloog van Tergooi, in verband met beoogde tijdswinst, door de ambulance met spoed direct naar een interventiecentrum  vervoerd (volgens situatie 2 in stroomdiagram) . De huisarts hoeft de patiënt niet telefonisch aan te melden bij dit interventiecentrum, dat doet de ambulancedienst. Patienten met een beroerte in de ANW uren woonachtig in  Baarn worden ook naar Tergooi  Blaricum verwezen

Verwijs-voorwaarden, Urgentie

Stroomdiagram Verwijsvoorwaarden

1       indien tijdstip bekend en uitval < 4 uur:
Vervoer met spoed (U1) volgens onderstaand stroomdiagram en telefonische aanmelding bij de dienstdoende neuroloog
Doel: Intra-veneuze trombolyse,zo mogelijk gevolgd door endovasculaire trombolyse.

2       indien tijdstip bekend en uitval > 4 < 6 uur:
Vervoer met spoed (U1) na telefonisch overleg met de dienstdoende neuroloog
volgens onderstaand stroomdiagram naar interventiecentrum 
Doel: Endovasculaire trombolyse.

3       indien onbekend tijdstip of uitval > 6 uur:
Vervoer zo snel mogelijk (maar niet U1) na overleg met de dienstdoende neuroloog;  
Doel: Adequate behandeling op Stroke-Unit

4       bij kenmerken van een TIA/ Minor Stroke:                                           
Wordt de patiënt binnen drie werkdagen gezien voor een combinatie afspraak op de TIA-service Tergooi lokatie Blaricum.
Doel: Aanvullend onderzoek naar de oorzaak en zo nodig carotisdesobstructie plannen.

Aanmelding geschiedt via Zorgdomein en/of na overleg met de dienstdoende neuroloog. Het betreft een mobiele patiënt.

Patient wordt door de poli gebeld voor een afspraak en binnen maximaal  3 werkdagen gezien door de neuroloog

Er wordt bij vermoeden van een TIA/Minor Stroke direct door de huisarts gestart met eenmalig Clopidogrel 300 mg, de volgende dag gevolgd 75 mg 1d1t. (DUS Clopidogrel in de visite tas !)

Huisarts (dagpraktijk of HAP)

Beroerte                               

De huisarts verwijst direct naar Tergooi Blaricum of bij uitzondering naar interventie centrum afhankelijk van de delay na ontstaan van de uitval (situatie 2). Overleg altijd telefonisch met de dienstdoende neuroloog  088-7535648

De huisarts ziet de patiënt direct na ontslag naar huis vanuit het ziekenhuis, verpleeghuis of revalidatiekliniek , en draagt zorg voor de secundaire preventie zoals geadviseerd door de neuroloog. Wanneer de streefwaarden onvoldoende worden bereikt kan de patient verwezen worden naar de ziekenhuisbrede vasculaire preventie poli.

TIA/minor Stroke        

Bij vermoeden van een TIA/minor Stroke wordt direct door de huisarts gestart met Clopidogrel 300 mg, de volgende dag gevolgd door chronisch 1 dd 75mg Clopidogrel .

Verwijzing  via Zorgdomein naar de combinatieafspraak TIA service van Tergooi Blaricum.

De huisarts draagt zorg voor begeleiding en opstarten van secundaire preventie zoals geadviseerd door de neuroloog.

N.B. De NHG standaard Beroerte uit 2013 adviseert direct opstarten met acetylsalicylzuur 300 mg daarna acetylsalicylzuur  1dd 80-100 mg samen met dipyridamol 2 dd  200 mg. Volgens de meest recente adviezen van de Neurovasculaire werkgroep van de Ned. Vereniging voor Neurologie wordt direct na een ischaemische beroerte zonder cardiale emboliebron gestart met een plaatjesaggregatie-remmer ( Clopidogrel 75 mg 1dd). 

Bij de secundaire preventie hoort ook een statine ongeacht de hoogte van het totaal cholesterol. De behandeling van nieuw gediagnosticeerde hypertensie wordt op zijn vroegst 1 week, en op zijn laatst 3 maanden na de beroerte gestart, bij voorkeur door de huisarts. Over het standaard voorschrijven van een ACE remmer bij patiënten met een normale bloeddruk bestaat nog geen consensus.

De huisarts ontvangt spoedig na opname en na ontslag of (in geval van een TIA /Minor Stroke) na het afsluitende consult op de TIA service een ontslagbrief.

Patiƫnt

TIA/Minor Stroke
De patiënt wordt  gebeld door de polikliniek voor een combinatie afspraak op de TIA service. Het onderzoek vindt plaats tijdens een dagopname op locatie Blaricum. Het onderzoek houdt in: Lab,ECG, duplex carotiden, CT-scan hersenen en een eindgesprek met de neuroloog.

Specialist

Beroerte:
De neuroloog ziet de patiënt direct op locatie Tergooi Blaricum of adviseert de huisarts met welke urgentie naar welk centrum de patient moet worden vervoerd.                                       
Stuurt binnen enkele dagen na opname bericht aan de huisarts (digitaal).
Adviseert na ontslag over secundaire  preventie.

Afspraken over het revalidatietraject worden gemaakt in het multidisciplinaire overleg (MDO) tijdens opname op de Stroke-Unit en voor geindiceerde patienten wordt GRZ ingezet of klinische revalidatie, alles na gezamenlijke besluitvorming .Revalidatie onder de noemer Geriatrische Revalidatie Zorg wordt geleverd door de specialist ouderenzorg in VVT of in een revalidatie centrum door de revalidatie arts.

De neuroloog ziet de patient 1 maand na ontslag uit ZH, revalidatiekliniek of verpleeghuis.
Verwijst geindiceerde patienten  obv streefwaarden of risico factoren naar de ziekenhuisbrede vasculaire preventiepoli.
Verwijst met spoed naar de vaatchirurg indien er een indicatie is voor carotischirurgie.
De neuroloog schrijft direct na ontslag een ontslagbrief aan de huisarts.

Aanleveren info

 Beroerte: 
Telefonisch en via Zorgdomein                 

TIA/Minor Stroke:
Via Zorgdomein of telefonisch naar Combinatieafspraak TIA service Blaricum.
Bij de verwijzing  vermelden: 
- voorgeschiedenis hartvaatziekten (HVZ) en/of risicofactoren HVZ, Bloeddruk en Hartritme
- medicatiegebruik
- telefoonnummer patiënt

NR beleid indien bekend

Laatste uitgave

augustus 2017

Leden werkgroep

J.R. De Kruijk, neuroloog
J. Lanphen, huisarts en kaderarts CVRM
M.D.A. Pupping, Medisch Coördinator MCC