Galblaaspoliep

Algemeen

Transabdominale echografie heeft een beperkte sensitiviteit (50%) en een lage voorspellende waarde (10,5%) voor galblaaspoliepen. Dit wil zeggen dat de kans om een galblaaspoliep te missen even groot is als te detecteren en een galblaaspoliep aangetoond op de echo vaak niet gevonden wordt bij histopathologie (French 2013).

Galblaaspoliepen < 10 mm hebben een benigne natuurlijk beloop (Colecchia 2008).

Patienten met Primaire scleroserende cholangitis ,ouder dan 65 jaar met een poliep > 10 mm, diabetes mellitus,  of een poliep ≥15 mm hebben een verhoogde kans op neoplastische poliepen (Cha 2011) .

Het lijkt gerechtvaardigd bij toeval gevonden galblaaspoliepen van ≤ 5 mm niet te vervolgen. Op grond van de beschikbare literatuur is er geen consensus over de mate en duur van follow-up voor galblaaspoliepen tussen de 5 en 10 mm (Wiles 2014).

Bij verdenking op een galblaaspoliep van ≥ 10 mm wordt geadviseerd om een cholecystectomie uit te voeren (Ito 2009).

Vervolg- en verwijsbeleid bij galblaaspoliep

Bij patienten zonder bijkomende risicofactoren zoals Primaire Scleroserende Cholangitis, Diabetes Mellitus, Leeftijd < 65 jaar: 

1. Poliep </= 5 mm  ---> eenmalig echografische controle na 1 jaar. Bij geen groei geen verdere controle nodig.

2. Poliep tussen 6 en 10 mm ---> jaarlijkse echografische follow-up gedurende 5 jaar, eerste jaar à  6 mnd.

3. 10 mm of groter-----> verwijzing naar de chirurg voor een cholecystectomie (Bij een poliep <15 mm verwijdering in principe laparoscopisch, >15 mm door middel van een open procedure)

Bij patiënten mét bijkomende risicofactoren zoals  PSC, DM, Leeftijd > 65 jaar:

1. Poliep < 5 mm ---> eenmalig controle na 1 jaar. Bij geen groei geen verdere controle nodig.

2. Poliep 5 mm of groter---> Verwijzing naar de chirurg voor een cholecystectomie

 

Laaste uitgave

februari 2019

Leden werkgroep

P. Huisman, radioloog 

A. van Geloven, chirurg 

J. van den Brande, MDL arts 

M. Pupping, Medisch Coördinator