Medicatieoverdracht 0: Toelichting

Doel van de afspraak

Deze afspraak is een inleiding en toelichting op de werkafspraken medicatieoverdracht die in de loop van 2017 en 2018 vastgesteld zullen worden.

Deze nieuwe werkafspraken medicatieoverdracht vormen een update van de in 2011 vastgestelde regionale richtlijn medicatieoverdracht.

Algemene informatie

Voor een veilige overdracht van medicatiegegevens is de landelijke Richtlijn Overdracht van Medicatiegegevens opgesteld. In 2015 is de landelijke richtlijn herijkt en in 2017 wordt een volgende herziening van de landelijke richtlijn verwacht. Om de implementatie haalbaar te houden zijn, i.v.m. het stagneren van de beschikbaarheid van elektronische uitwisseling van medicatiegegevens, de eisen t.a.v. de inhoud van het Actueel Medicatie Overzicht bijgesteld.

 

Sinds 1 januari 2011 is het verplicht dat: 

  • Bij elk contact met een voorschrijver er altijd een actueel medicatieoverzicht beschikbaar is, waarop het medisch handelen wordt gebaseerd 
  • Bij een spoedopname er zo snel mogelijk, maar zeker binnen 24 uur, een actueel medicatieoverzicht beschikbaar is.
  • Bij overdracht naar de volgende schakel zo snel als nodig voor verantwoorde zorg, maar zeker binnen 24 uur, het actuele medicatieoverzicht beschikbaar is.

 

Om deze doelstellingen te verwezenlijkingen zijn afspraken nodig voor de uitwisseling van medicatiegegevens tussen zorgverleners, apotheek en patiënt zelf.

De Regionale Werkafspraken Overdracht van Medicatiegegevens Den Haag e.o. 2017 beschrijft de volgende 10 overdrachtsmomenten: 

  1. Werkafspraak Medicatieoverdracht bij thuiswonende met indicatie voor medicatiebegeleiding (thuiszorg)
  2. Werkafspraak Medicatieoverdracht bij Consult 1e lijn
  3. Werkafspraak Medicatieoverdracht bij geplande opname vanuit huis in een ziekenhuis
  4. Werkafspraak Medicatieoverdracht bij acute opname vanuit huis in een ziekenhuis
  5. Werkafspraak Medicatieoverdracht bij ontslag vanuit een ziekenhuis naar huis
  6. Werkafspraak Medicatieoverdracht bij opname van uit huis in een instelling voor VVT, GGZ of andere medisch specialistische zorg
  7. Werkafspraak Medicatieoverdracht bij ontslag uit het ziekenhuis naar een instelling voor VVT, GGZ of andere medisch specialistische zorg
  8. Werkafspraak Medicatieoverdracht bij ontslag vanuit een instelling voor VVT, GGZ of andere medisch specialistische zorg naar huis
  9. Werkafspraak Medicatieoverdracht bij ontslag vanuit een instelling voor VVT, GGZ of andere medisch specialistische zorg naar een ziekenhuis of andere zorginstelling
  10. Werkafspraak Medicatieoverdracht bij poliklinische behandeling in een ziekenhuis, instelling of praktijk van vrijgevestigd specialist.

 

Voor deze tien overdrachtsmomenten worden aparte werkafspraken opgesteld, die samen met voorliggende inleiding, verantwoordelijkheden en definities de nieuwe regionale richtlijn medicatieoverdracht vormen. Met deze regionale richtlijn als leidraad passen de zorgorganisaties in de regio hun interne werkwijze aan om aan de werkafspraken te kunnen voldoen.

 

N.B. De landelijke richtlijn medicatieoverdracht (versie 2017) is op het moment van schrijven nog in ontwikkeling. Mochten er afwijkingen zijn tussen de regionale richtlijn en de nieuwe landelijke richtlijn, dan is de landelijke richtlijn leidend.

Verantwoording

Nadat in 2011 de Regionale Richtlijn was vastgesteld (deze is nog terug te vinden door hier te klikken), is er veel veranderd in de zorg. Een van de meest ingrijpende veranderingen is de invoering van nieuwe technologie.
In 2015 werd duidelijk dat de Regionale Richtlijn toe is aan een update. Hiertoe is een werkgroep aan de slag gegaan om de verschillende overdrachtsmomenten te identificeren. Voor elk overdrachtsmoment worden werkafspraken gemaakt.
Deze werkafspraken worden voorbereid met een kerngroep van apothekers en meegelezen door een brede groep van betrokken zorgverleners en beleidsmedewerkers uit verschillende organisaties. De verwachting is dat deze werkafspraken in de loop van 2017 en 2018 worden vastgesteld en gepubliceerd door Stichting Transmurale Zorg Den Haag.
De doelstelling van deze werkwijze is om te komen tot korte, heldere werkafspraken voor zorgverleners, met een onderliggende methodologie en verantwoording. 

Verantwoordelijkheden

Hieronder staan de rollen beschreven van de betrokken partijen bij medicatieoverdracht. Deze verantwoordelijkheden zijn ook uitgangspunt bij de afzonderlijke werkafspraken per overdrachtsmoment.

 

Patiënt of zijn of haar mantelzorger is verantwoordelijk voor:

  • Aanwijzen van een vaste huisapotheker;
  • Afgeven van Opt-in ten behoeve van het LSP bij alle apotheken waar medicatie wordt gehaald.
  • Meenemen van een AMO bij elk bezoek aan de huisarts, medisch specialist of andere voorschrijver;
  • Meenemen van een AMO bij elk geplande opname in een ziekenhuis/GGZ/VVT/zorginstelling;
  • Doorgeven aan de huisapotheker van (op eigen initiatief of na overleg met voorschrijver) verlagen of stoppen van medicatie.
  • Toezien op het meekrijgen van een AMO bij ontslag uit een ziekenhuis/GGZ/VVT/zorginstelling;
  • Toezien op het meekrijgen van een AMO van de huisapotheek bij wijzigingen;
  • Aanvullen van zijn AMO met zelfzorgmiddelen indien van toepassing en dit doorgeven aan zijn arts en apotheker.

 

Zorgorganisatie is verantwoordelijk voor

  • Implementeren van deze werkafspraken in eigen kwaliteitssysteem zodat vastligt hoe, waar, wanneer en door wie gegevens over in gebruik zijnde geneesmiddelen worden vastgelegd en overgedragen.
  • Realiseren van randvoorwaarden zodat ondergenoemde zorgverleners kunnen handelen conform deze werkafspraken.
  • Verzamelen van kengetallen en analyseren in hoeverre landelijke richtlijn en regionale werkafspraken geïmplementeerd zijn. Deze kengetallen staan nader gespecificeerd in de werkafspraken.

 

Voorschrijver (Huisarts / Medisch Specialist / Verpleegkundig Specialist) is verantwoordelijk voor:

  • Zich vergewissen van aanwezigheid van het AMO tijdens een consult of opname
  • Controleren of het AMO recent geverifieerd is met de patiënt
  • Indien het AMO niet geverifieerd is, zelf het medicatieverificatie gesprek met de patiënt uitvoeren
  • Actueel houden van het medicatieoverzicht
  • Overdragen van medicatiewijzigingen naar de patiënt en naar de betrokken apotheker en andere betrokken zorgverleners.
  • Indien van toepassing: Opt-in registreren voor het LSP (alleen de huisarts)
  • Stimuleren dat de patiënt bij verwijzing een AMO meeneemt naar het ziekenhuis/VVT/GGZ/andere zorginstelling
  • Implementeren van de werkafspraken in zijn of haar werkroutine.

 

Openbaar apotheker of poliklinisch apotheker (1e lijn) is verantwoordelijk voor:

  • Implementeren van deze werkafspraken in eigen kwaliteitssysteem zodat vastligt hoe, waar, wanneer en door wie gegevens over in gebruik zijnde geneesmiddelen worden bijgewerkt en overgedragen.
  • Overdragen van medicatiegegevens vanuit zijn apotheek op aanvraag van patiënt/zorgverlener
  • Continu actualiseren van het medicatieoverzicht op het moment dat er nieuwe informatie verkregen wordt (bijvoorbeeld op basis van gesprek met de patiënt zelf of na het ontvangen van een AMO/Ontslagrecept/wijzig of stoprecept uit het ziekenhuis/instelling/huisarts/vrijgevestigd specialist)
  • Controleren van de toestemming bij overdracht van medicatiegegevens naar de volgende schakel (ziekenhuis/zorg instelling/huisarts/vrijgevestigd specialist)
  • Indien van toepassing: Opt-in registreren voor het LSP
  • Maken van afspraken met huisarts t.b.v. verbetering medicatieoverzicht (bijvoorbeeld: introductie van wijzig- en stoprecepten met opgave van reden van wijzigen en/of stoppen)
  • Periodiek via kengetallen duidelijk maken in welke mate volgens de werkafspraken wordt gewerkt.

 

Ziekenhuisapotheker (2e lijn) is verantwoordelijk voor:

  • Organiseren van de processen van overdracht van medicatiegegevens bij opname in, interne overdracht en ontslag uit het ziekenhuis
  • Aansturen en trainen van apothekersassistenten betrokken bij medicatieoverdracht in het ziekenhuis
  • Initiëren van het implementatieproces van deze werkafspraken in het ziekenhuis
  • Toestemming vragen voor de overdracht van medicatiegegevens naar de volgende schakel (huisapotheek etc.)
  • Periodiek via kengetallen duidelijk maken in welke mate volgens de werkafspraken wordt gewerkt.

 

Instellingsapotheker is verantwoordelijk voor

  • Initiëren van het implementatieproces in de VVT instelling/GGZ instelling/andere intramurale zorginstelling
  • Indien aanwezig/zo georganiseerd: adviseren en trainen van apothekersassistenten en/of verpleegkundigen betrokken bij medicatieoverdracht in de instelling

 

 

Verpleegkundige of verzorgende is verantwoordelijk voor

  • nagaan of deze werkafspraken in de eigen werksetting voldoende gevolgd worden
  • signaleren van afwijkingen van de werkafspraken voor de individuele patiënt en daarop passende actie ondernemen.

Kwaliteitsniveau van het AMO

De kwaliteitswaarde van overgedragen medicatiegegevens varieert in de praktijk sterk.

De medicatieveiligheid neemt toe indien helder over de kwaliteit van de overgedragen medicatiegegevens wordt gecommuniceerd.

Hiertoe worden 3 kwaliteitsniveaus onderscheiden:

  • hoogste niveau (A) medicatiegegevens zijn gecontroleerd en recent met de patiënt / begeleider in een verificatiegesprek gecontroleerd
  • middelste niveau (B) medicatiegegevens zijn recent gecontroleerd, maar niet recent met patiënt geverifieerd
  • laagste niveau (C) overzicht medicatieverstrekkingen

 

In tabel 1 wordt een overzicht gegeven van de beschikbare AMO’s in Den Haag.

 

Controleren en verifiëren van de AMO’s of LSP afleverhistories vraagt in de huidige praktijk nog erg veel tijd en hierdoor menskracht. In de regio wordt gewerkt aan een efficiënte en effectieve manier om dit in te richten.

Definities

Actueel medicatieoverzicht (AMO Zie onder "medicatieoverzicht"
Geverifieerde contra-indicatie Door voorschrijver bevestigde contra-indicatie, of in geval van bij nierfunctiestoornis: op basis van recente laboratoriumwaarden.
Geverifieerde allergie of overgevoeligheid Door voorschrijver bevestigde allergie of  overgevoeligheid, inclusief de ernst van de de overgevoeligheidsreactie.
Medicatieoverdracht Overdracht van medicatiegegevens van een zorgverlener naar de volgende zorgverlener
Medicatiehistorie Overzicht van de door de apotheek ten behoeve van de patiënt afgeleverde medicatie in een periode van minimaal zes maanden voorafgaand aan het moment van aanmaak van het overzicht
Medicatieoverzicht (AMO)

In Den Haag zijn er verschillende vormen van medicatieoverzicht beschikbaar afhankelijk van het ICT systeem van de apotheek of zorginstelling. Deze overzichten worden in de dagelijkse praktijk altijd AMO genoemd en bevatten een overzicht van de medicatiehistorie. Let op: AMO staat voor actueel medicatieoverzicht, maar in de dagelijkse praktijk is een AMO zelden (helemaal) actueel. Er geldt een vaste lay-out voor het AMO. Op het AMO staan ten minste de volgende  gegevens:

  • Patiëntgegevens (naam, adres, woonplaats, geboortedatum)
  • Datum van afgifte AMO
  • Herkomst van het AMO
  • Medicatiegegevens van de patiënt
    • Werkzame stof van de in gebruik zijnde medicatie
    • Dosering en (indien kuur) gebruiksduur)
    • Toedieningsvorm
    • Sterkte per toedieningsvorm of verpakking
    • contra-indicaties

Op het AMO staat bij voorkeur ook vermeld:

  • Medicatiegegevens va de patiënt
    • recent gestopte medicatie
    • reden (indicatie) van starten/stoppen/wijzigen van medicatie en de initiator hiervan
  • Allergieën/intoleranties en ADE 
  • Laboratoriumwaarden (bijvoorbeeld stollings- en nierwaarden, elektrolyten)
Medicatieverificatie Het vaststellen van de daadwerkelijk in gebruik zijnde medicatie terwijl de patiënt in consult is, opgenomen is of behandeld wordt. Het resultaat van medicatieverificatie is duidelijkheid over met welke medicatie de patiënt binnenkomt en met welke medicatie de patiënt verder behandeld wordt. Medicatieverificatie is op te splitsen in de volgende handelingen:
  1. Opvragen van medicatie (en indien aanwezig) intoleranties, contra-indicaties en/of allergieën bij vorige zorgverlener.
  2. Gesprek met de patiënt om medicatiegegevens en ICA te actualiseren.
  3. Kloppende lijst met actuele medicatie en ICA samenstellen.
  4. Besluitvorming medicatie continueren, stoppen, wijzigen of toevoegen (“de behandeling”).
  5. Verwerking van aanpassingen in het voorschrijfsysteem (=Actueel houden van het medicatieoverzicht).
LSP afleverhistorie Een overzicht van de geneesmiddelen die in de geselecteerde periode zijn afgeleverd door de openbare apotheek of poliklinische apotheek waar de patiënt Opt-in aan heeft verleend. 
Ontslagrecept Voorschrift van de arts bestemd voor de apotheker met daarop de geneesmiddelen die na ontslag uit het ziekenhuis, de GGZ of het verpleeg- of verzorgingshuis aan de patiënt geleverd moeten worden.
Recente verificatie Verificatie die maximaal 3 maanden geleden is en waarbij tussentijds geen wijziging in voorschriften is gesignaleerd.
Substitueren

Het vervangen van het ene geneesmiddel door het andere geneesmiddel.

Er wordt onderscheid gemaakt tussen generieke en therapeutische substitutie. Generieke substitutie is het onderling vervangen van geneesmiddelen met dezelfde werkzame stof, sterkte en vorm (bijvoorbeeld paracetamol 500 mg tablet van de ene fabrikant wordt omgezet in paracetamol 500 mg van de andere fabrikant). Therapeutische substitutie is het onderling vervangen van geneesmiddelen met een andere werkzame stof uit dezelfde therapeutische groep (bijvoorbeeld esomeprazol wordt omgezet in pantoprazol).

In het ziekenhuis, GGZ of VVT vindt naast generieke substitutie ook in beperkte mate therapeutische substitutie plaats. Bij medicatieoverdracht bij ontslag uit het ziekenhuis met AMO klasse B en A, vindt terugsubstitutie plaats; dat wil zeggen de in het ziekenhuis omgezette medicatie wordt weer teruggezet naar de thuismedicatie.

Ter hand stellen Het door de apotheker uitgeven (overhandigen) van een geneesmiddel aan de patient met de daarbij behorende zorg zoals beoordelingen, controles, bereidingen, adviezen en begeleiding. 
Verificatie  Zie onder "medicatieverificatie"

 

Afkortingen

ADE Adverse Drug Event
AMO  Actueel Medicatie Overzicht
BMO Basisset Medicatie Overdracht
GDS Geneesmiddelen Distributie Systeem, bijvoorbeeld baxter
GGZ Geestelijke Gezondheidszorg
HA Huisarts of huisartsenpraktijk
IA Instellingsapotheker voor VVT, GGZ of andere zorginstelling
ICA Intoleranties, Contra-Indicaties en Allergieën
IGZ Inspectie voor de Gezondheidszorg
LSP Landelijk Schakel Punt, landelijk systeem voor het veilig elektronisch uitwisselen van patiëntgegevens
MIC Melding Incidenten Commissie
NICTIZ Expertisecentrum voor standaardisatie en e-health
OA Openbaar Apotheker
PA Poliklinisch Apotheker
POINT Punt voor Overdracht, Informatie, Naslag en Transfers, regionaal systeem voor het elektronisch uitwisselen van patiëntgegevens
SO Specialist Ouderengeneeskunde
TMO Thuis Medicatie Overzicht, wordt gebruikt als synoniem voor AMO
V&VN Verpleegkundigen en Verzorgenden Nederland
VIM Veilig Incident Melden
VMS Veiligheid Management Systeem
VS Verpleegkundig Specialist
ZA Ziekenhuisapotheker
ZH Ziekenhuis
   

 

Samengesteld door

Deze tekst is vastgesteld in mei 2017 door de werkgroep Medicatieoverdracht.

 

Leden van de werkgroep Medicatieoverdracht

 

Sharon Bontenbal (Apotheek Haagse Ziekenhuizen)

Liesbeth Bosma (Hagaziekenhuis)

Roelf-Jan Dijkhuizen (Mediq)

Gert Nap (Parnassia)

Inge Stollman (EFDH)

Lilièn Tjioe (Haaglanden Medisch Centrum)

 

Voor vragen en opmerkingen over deze werkafspraak kunt u contact opnemen met Rolien de Jong, projectleider bij Stichting Transmurale Zorg Den Haag e.o.

Meer informatie