Medicatieoverdracht bij ontslag uit het ziekenhuis

Algemeen

Het doel van medicatieoverdracht is dat zowel de openbare apotheek van de patiënt als de huisarts over een actueel en volledig medicatieoverzicht van de patiënt beschikt op het moment van ontslag en op de hoogte gebracht wordt van contra-indicaties en allergieën.

De werkafspraak behelst: (zie stroomschema)

  • Beschikbaar stellen van een actueel medicatieoverzicht van de patiënt in het ziekenhuis op het tijdstip van ontslag door het ASP (staat voor Apotheek Service Punt en wordt verzorgd vanuit de ziekenhuisapotheek).
  • Het adequaat registreren van bestaande en nieuwe allergieën en het overdragen van deze gegevens via fax of LSP. 
  • Faxen van het actuele medicatieoverzicht naar de openbare apotheek en naar de huisarts of als de patiënt in een verpleeghuis opgenomen wordt naar de specialist ouderengeneeskunde en de aan het verpleeghuis verbonden apotheek.
  • Indien de transmurale apotheek de medicatie aflevert, verzendt het ASP het actuele medicatieoverzicht naar de openbare apotheek en de huisarts.

Traject in het ziekenhuis onder verantwoordelijkheid specialist

De behandelend arts:

  • Houdt een actueel volledig medicatieoverzicht bij.
  • Vraagt na hoeveel medicatie er in huis is bij de patiënt.
  • Heeft dit beschikbaar uiterlijk op de dag van ontslag.
  • Het ASP verzorgt de overdracht naar de nieuwe zorglocatie (huis, verpleeghuis, familie etc).

Ziekenhuisapotheker

  • Het ASP controleert of patiënten gebruik maken van meerdere apotheken. 
  • Het ASP controleert  de door de behandelend arts gegenereerde medicatieoverzichten en neemt waar nodig contact op met de voorschrijver. 
  • Het ASP verzorgt tevens een overzicht van medicatie die thuis werd gebruikt en tijdens opname gewijzigd of gestaakt is.
  • Het ASP streeft naar volledig meefaxen van een relevante artsenverklaring voor medicatie en verbandmateriaal.
  • Het ASP zorgt dat de naam van de voorschrijver onderaan het medicatieoverzicht staat.
Het ASP faxt een gewaarmerkt actueel medicatieoverzicht naar de openbare apotheek of naar de aan het verpleeghuis verbonden apotheek en verpleeghuis t.a.v. de specialist ouderengeneeskunde.

 

Openbare apotheek

  • Ontvangt de fax, kijkt het overzicht na en controleert of het overzicht compleet is in vergelijking met de situatie voor de opname.
  • Zorgt dat het medicatiedossier in het AIS (Apotheek Informatie Systeem) compleet is.
  • Neemt waar nodig contact op met het ASP of eigen huisarts.
  • Zijn er wijzigingen, dan faxt de openbare apotheek dit door naar de huisarts.
NB: bij wijzigingen of onduidelijkheden is de fax van de openbare apotheek leidend.

Transmurale apotheek

  • Zorgt voor een actueel medicatieoverzicht voor alle patiënten waarvoor de transmurale apotheek medicatie aflevert. 
  • Levert nieuw gestarte medicatie af in principe voor 14 dagen (tot maximaal een maand). Chronische medicatie wordt voor maximaal 3 maanden afgeleverd. Nagevraagd wordt hoeveel medicatie er in huis is bij de patiënt.
  • Het ASP faxt actueel medicatieoverzicht inclusief contra-indicaties en allergieën naar de openbare apotheek en de huisarts.

 

Huisarts of specialist ouderengeneeskunde

  • Controleert het medicatieoverzicht.
  • Neemt contact op met de openbare apotheek of het ASP bij afwijkende bevindingen.
  • Zorgt dat het medicatiedossier in het HIS/EPD actueel is. 

Info aan patient vanuit het ziekenhuis

  • Krijgt indien de medicatie niet door de transmurale apotheek is geleverd voor 1 dag medicatie mee vanuit het ziekenhuis (ma t/m do) of voor 3 dagen (vrij) en kan vervolgens bij de openbare apotheek terecht.
  • Huisarts en eigen apotheek hebben een volledig overzicht van de medicijnen, welke door patiënt gebruikt worden. 
  • Het ziekenhuis stuurt de recepten naar de openbare apotheek.
  • De openbare apotheek zal de medicijnen voor patiënt klaarzetten of bezorgen. 
  • Of de transmurale apotheek geeft de medicijnen en een innameschema mee, voor nieuwe medicatie geldt, dat in principe voor 14 dagen (tot max. een maand) afgeleverd wordt, en voor chronische medicatie, die reeds voor opname gebruikt werd, wordt zo nodig voor 90 dagen afgegeven.
  • Van de openbare apotheek ontvangt patiënt een medicatieoverzicht. 

 

Stroomschema

Bron en samenstellers

Bron: LESA medicatieoverdracht na ontslag uit het ziekenhuis, 16 maart 2009 notitie LHV 2011
Herzien in 2018 door B. van Bezooijen, medisch coördinator MCCE, uroloog, A. Drenth, apotheekhoudend huisarts, D. Baas, transmuraal apotheker, E. Nagtegaal, Ziekenhuisapotheker, E. Peterse, apotheker dienstapotheek, M. Valk, huisarts, P. Vinks, apotheker, E. Peters Rit, arts assistent Interne, aios geriatrie, I.C. Tchaoussoglou, medisch coördinator MCCE, huisarts.
Deze werkafspraak is samengesteld door: J.E. Nagtegaal, Ziekenhuisapotheker (MeanderMC), G. Comuth, transmurale apotheker (MeanderMC), C.R.C. Huizinga- Arp, apotheker dienstapotheek, P.W. Vinks, openbare apotheker, F.W.M. Boonekamp, huisarts,  L.J. Meijer, huisarts en medisch coördinator(MCCE)