Mictiestoornissen FTTO

Behandelprotocol mictiestoornissen FTTO 2018

Voor pdf versie klik hier

Algemeen:

  • Milde klachten: leefstijl en training.
  • Matige en ernstige klachten: medicatie.
  • Sluit een urineweginfectie uit.
  • Gebruik een mictielijst.

Stressincontinentie

Urineverlies uitsluitend tijdens drukverhogende momenten.

Stap 1.  Niet medicamenteus: bekkenbodemoefeningen (bekkenfysiotherapeut)
              Bij een BMI > 30: gewichtsreductie.
Stap 2.  Bij onvoldoende resultaat verwijzen naar 2e lijn.

Urge incontinentie

Overactieve blaas als gevolg van toegenomen prikkelbaarheid.

Stap 1. Niet medicamenteus: blaastraining
Stap 2. anticholinergicum
1. tolterodine retard   1 dd 2 mg (bij onvoldoende effect na 2 weken ophogen naar 1 dd 4mg
                                  na 2 weken reduceren naar 1 dd 2 mg. (kwetsbare) ouderen gebruik darifenacine of solifenacine

2. darifenacine          1 dd 7,5 mg, eventueel ophogen tot 1 dd 15 mg
         OF
2. solifenacine           1 dd 5 mg, eventueel ophogen tot 1 dd 10 mg

Stap 3. Selectieve beta3 agonist (indien geen afwijkende bloeddruk, vooraf lever –en nierfunctie bepalen en contra indicatie QT-tijd uitsluiten)
1. mirabegron           1 dd 50 mg

Beoordelen effect stap 2 en 3
Beoordeel effect na 4 weken.
Bij bijwerkingen en/of onvoldoende resultaat: switch naar ander middel (max 3).

Bij goed resultaat na 3-6 maanden: stop medicatie.
Indien klachten terugkomen: herstart medicatie en na 8 weken stoppen.
Indien klachten wederom ontstaan medicatie handhaven.
Bij onvoldoende resultaat stap 4.

Stap 4. Indien onvoldoende resultaat na 8 weken (incl. switch): verwijzen naar 2e lijn.

Gemengde incontinentie

Urineverlies tijdens drukverhogende momenten en gerelateerd aan sterke aandrang.
Advies: Behandel het type incontinentie dat het meest op de voorgrond staat.

Subvesicale obstructie door groeiende prostaat.

Bemoeilijkte mictie bij mannen (LUTS)

  • De kans op prostaatkanker is ongeveer even groot voor mannen met als zonder mictieklachten. De bepaling van het PSA-gehalte wordt (daarom) niet aanbevolen als routinetest bij de initiële evaluatie van mictieklachten.

Diagnostiek
1. Start:                  urineonderzoek
                               rectaal toucher
    Gebruik:             mictielijst (voorkeur)
    Gebruik:             IPSS-score (International Prostate Symptom Score); brengt levenskwaliteit en aard mictieklachten goed in kaart (verplicht).
2. Bij twijfel:           1e lijns diagnostiek echo prostaat.
3. Bij afwijkingen:   PSA-test + verwijzen 2e lijn/echo aanvragen.
         
Stap 1. alfablokker

  1. tamsulosine     1 dd 0,4 mg
  2. alfuzosine        1 dd 10 mg

Bij onvoldoende resultaat en/of bijwerkingen: switch van middel.
Bij onvoldoende resultaat na 6 weken: 1e lijns diagnostiek echo prostaat.
Bij goed resultaat na 6 maanden : stoppen.
 
Stap 2. toevoegen 5-alfa-reductaseremmer
Indien prostaat > 35 gram (vastgesteld door echo) toevoegen:

  1. finasteride       1 dd 5 mg
  2. dutasteride      1 dd 0,5mg

Gebruik een 5-alfa-reductaseremmer minimaal 6 maanden om het resultaat te kunnen beoordelen.
Bij goed resultaat 

  • na 1 jaar stoppen met alfablokker en vervolgens
  • na 1,5 jaar de 5-alfa-reductaseremmer stoppen

Na 1 jaar stoppen kan weer gestart worden met gebruik.
 
Stap 3. indien onvoldoende resultaat; verwijzen naar 2e lijn.

Bronnen, Auteurs, revisiedatum

Bronnen: FTTO mictiestoornissen achtergrond en overwegingen

Auteurs: S.A. Breed, huisarts:, S.N. Bouwman, apotheker; I. van Gestel, gynaecoloog; F. Kamerman-Celie, klinisch geriater; P.H. Langen, uroloog; S. van der Meer, poliklinisch apotheker; S. Hermelijn, apotheker

Revisiedatum: September 2021