Urineweginfecties bij kinderen < 3 jaar

Algemeen

Bij urine verkregen d.m.v. een plaszakje is er vaak contaminatie en zodoende kans op overdiagnostiek. Ter voorkoming van overdiagnostiek en overbehandeling wordt de catheterurine als gouden standaard gehanteerd.
De diagnose ‘Urineweginfectie bij niet-zindelijke kinderen’ wordt gesteld op basis van beoordeling catheterurine.
Eerst verricht de huisarts zelf urine-onderzoek, verkregen d.m.v. een plaszakje urotainer. Bij verdenking op een urineweginfectie volgt onderzoek van catheterurine. De verantwoordelijkheid voor de patiënt blijft bij de huisarts.

Verwijsvoorwaarden

  • Kinderen die nog niet zindelijk zijn voor urine, bij wie verdenking bestaat op een urineweginfectie.
  • Patiënt heeft een ongecompliceerde voorgeschiedenis.

Exclusiecriteria

  • Gecompliceerde voorgeschiedenis, bijvoorbeeld eerdere uwi’s, urologische afwijkingen, DM, hartklepproblematiek.
  • Een te ziek kind en/of pyurie

Overweeg bij deze exclusiecriteria overleg met de kinderarts of kinderuroloog.

Huisarts

Onderzoekt de urine, verkregen d.m.v. een plakzakje met een stickje. Indien of leuko’s, nitriet of ery’s positief zijn volgt catheterisatie door de kinderarts.

  • De huisarts belt met de dienstdoende kinderarts: 033-8504700.
  • De huisarts geeft een labformulier (kweek en sediment) mee aan patiënt: CITO-aanvraag, onder vermelding van (06-)nummer waar de aanvragende huisarts bereikbaar is voor de uitslag.

Info aan patient/ouders

Doel is het verkrijgen van een goed te beoordelen urinemonster.
Dit is alleen verkrijgbaar d.m.v. catheterisatie.
De patiënt wordt niet beoordeeld door de kinderarts, het betreft alleen een catheterisatie.
Patiënt/verzorger moet het laboratoriumformulier afgeven aan de kinderarts.

Specialist

Catheteriseert patiënt t.b.v. sediment en kweek. Hij stuurt het materiaal naar het laboratorium en zorgt ervoor dat de uitslag z.s.m. wordt doorgebeld naar de aanvragende huisarts.

Huisarts

Ontvangt z.s.m. de uitslag van het sediment (en in 2e instantie van de urinekweek), mits gegevens (inclusief telefoonnummer waarop de huisarts bereikbaar is) compleet zijn.
De huisarts is verantwoordelijk voor het beleid naar aanleiding van de kweek en/of sedimentuitslag.

Bron en samenstellers

Bron: NHG standaard urineweginfectie (M05) juli 2005            
Deze werkafspraak is samengesteld door: J. van der Geest , huisarts; E.A. ten Hoor, huisarts; L. Weusten, huisarts; M.R. Ernst-Kruis, kinderarts; B.P.J. van Bezooijen, uroloog; F. Eskes,kinderarts